Naar blog

Individuele of collectieve warmtepomp in een appartementsgebouw: wat is voordeliger?

Voor de installatie van een warmtepomp in een (nieuw) appartementsgebouw zijn in de meeste gevallen zowel individuele als collectieve opstellingen mogelijk. Welke het interessantst is voor jouw project, hangt niet enkel af van de investeringskost maar ook van een technisch principe dat te weinig aan bod komt in de meeste adviezen: de diversiteitsfactor. Dat principe verklaart waarom een collectieve installatie vaak voordeliger is, in plaats van dat enkel te beweren. 

Duurzaamheid
Afbeelding

Een individuele warmtepomp per appartement

Bij een individuele installatie heeft iedere wooneenheid zijn eigen warmtepompinstallatie die voorziet in zowel de ruimteverwarming als het sanitair warm water. De lucht/water warmtepomp is voor de meeste bouwpromotoren vandaag de standaardkeuze voor de individuele opstelling, mede omwille van het gebruiks- en onderhoudsgemak. 

Belangrijke nuance: voor nieuwbouw is een individuele gaswandketel niet langer de vanzelfsprekende (goedkopere) tweede optie die ze ooit was. Sinds 1 januari 2025 is er geen nieuwe aardgasaansluiting meer mogelijk bij nieuwbouw in Vlaanderen, en moet een centrale aardgasaansluiting een minimaal installatierendement van 130% halen. Een niveau dat een klassieke gasketel alleen niet haalt. Voor een nieuw appartementsgebouw is de individuele lucht/water warmtepomp daardoor niet enkel de populairste keuze, maar in de praktijk vaak de enige haalbare individuele optie. 

Een individuele lucht/water warmtepomp haalt gemiddeld een iets lager rendement dan een grondgebonden (bodembron) systeem. De reden daarvoor is niet toevallig: een luchtbron schommelt mee met de buitentemperatuur, en net op de koudste winterdagen – wanneer de warmtevraag het grootst is – is de buitenlucht het koudst en daalt het rendement van het toestel het sterkst. Een bodembron blijft het hele jaar door op een veel stabielere temperatuur, wat een structureel hoger en voorspelbaarder rendement oplevert. Dat verschil is een van de kernargumenten om voor grotere gebouwen een collectieve, grondgebonden oplossing te overwegen. 

Afhankelijk van de situatie kan de buitenunit op het dak, het balkon of aan de gevel geïnstalleerd worden. Al moet je vooral rekening houden met waar ze, met hun 40 à 50 decibel, niet voor geluidsoverlast kunnen zorgen bij de buren. 

Een centrale warmtepomp voor het hele gebouw

Voor collectieve installaties zijn meerdere opties mogelijk, en de gepaste oplossing blijft afhankelijk van de situatie. Warmtepompen met een bodembron bieden in het algemeen een goede oplossing voor grote appartementsgebouwen en hoogbouw, zowel qua installatiewijze als qua rendement.

Ook wanneer het captatienet collectief is, hoef je niet per se voor een volledig collectieve opstelling van de warmtepompen zelf te kiezen. Het is bijvoorbeeld mogelijk om één grote warmtepomp te voorzien voor een deel van de units, gecombineerd met kleinere individuele warmtepompen op datzelfde net. Welk systeem voordeliger is, hangt af van project tot project. Van Marcke Engineering denkt graag met jou mee.

Waarom een collectieve installatie vaak voordeliger is: de diversiteitsfactor

Een collectief systeem wordt vaak voorgesteld als ‘goedkoper omdat je maar één groot toestel nodig hebt in plaats van tien kleine’. Dat klopt, maar de reden waarom het goedkoper is, wordt zelden uitgelegd. En die reden is precies wat je aan een bouwpromotor of syndicus moet kunnen onderbouwen. 

Elk individueel appartement wordt gedimensioneerd op zijn eigen piekvraag: het koudste moment van het jaar, gecombineerd met bijvoorbeeld een douche en de verwarming die tegelijk op volle kracht draaien. Maar in een gebouw met tien, twintig of honderd appartementen bereiken die piekvragen zelden allemaal op exact hetzelfde moment hun maximum. Terwijl bewoner A om 7 uur ’s ochtends doucht, ligt bewoner B nog te slapen met de verwarming op een lager nachtregime. Dat gegeven – de diversiteitsfactor – betekent dat een collectief systeem correct gedimensioneerd kan worden op een totaalvermogen dat merkelijk lager ligt dan de som van alle individuele pieken samen, zonder dat dit ten koste gaat van het comfort van de bewoners. 

Dat is geen boekhoudkundig trucje maar dezelfde onderliggende logica die ook geldt bij het dimensioneren van een boiler op piekgebruik in een woning met meerdere badkamers. Niet de som van alle mogelijke vragen telt, maar de realistische gelijktijdigheid ervan. Op gebouwniveau is die diversiteit veel groter dan op woningniveau, en dat is precies waar de investeringswinst van een collectieve installatie vandaan komt. Niet enkel uit schaalvoordeel op de aankoopprijs van het toestel zelf. 

Het middenspanningstarief: een reëel voordeel, met cijfers die je vandaag moet verifiëren

Een collectieve installatie met een privatieve middenspanningscabine geeft toegang tot het middenspanningstarief voor elektriciteit. Voor bewoners is dat potentieel interessant: middenspanning is doorgaans merkelijk goedkoper per MWh dan het gangbare laagspanningstarief voor particulieren, wat de operationele kost van verwarmen en koelen kan verlagen. 

Belangrijke kanttekening: het exacte prijsverschil tussen laag- en middenspanningstarief schommelt sterk mee met de energiemarkt, en verschilt bovendien per netbeheerder en per verbruiksprofiel. Cijfers die enkele jaren geleden golden, zeker uit de periode van de energiecrisis van 2022, zijn vandaag niet meer representatief. Reken dit daarom voor elk project apart door met actuele tarieven, in plaats van je te baseren op een vast historisch percentage of bedrag. 

Volledige ontzorging: de rol van ESCO’s

Het beheer van een collectieve installatie is belangrijk, maar niet vanzelfsprekend. Niet alleen onderhoudstechnisch levert het beheer uitdagingen op, ook financieel en organisatorisch kan het ingewikkeld worden. Een syndicus staat hier meestal niet voor te springen en particulieren hoef je er ook niet mee op te zadelen. Je kan ervoor kiezen om de installatie te laten beheren door de oorspronkelijke installateur, maar er is ook de mogelijkheid om het beheer over te laten aan een ESCO (Energy Service Company). 

De essentie van een ESCO is eenvoudig: deze organisaties zorgen voor de ontwikkeling, realisatie, investering, onderhoud en exploitatie van energetische oplossingen in een gebouw en financieren die projecten ook zelf. Ze richten zich voornamelijk op collectieve installaties voor appartementen en kopen zelf elektriciteit in aan het middenspanningstarief. Hierdoor betalen bewoners enkel aansluitings- en verbruikskosten. 

Een beperkte meerkost voor de appartementsbewoners

Winst maken is voor ESCO’s niet het hoofddoel. Ze houden wel een deel van het verschil tussen het particuliere en middenspanningstarief over, maar enkel wanneer er blijvend voordeel is voor alle partijen. Het tarief blijft ook bij samenwerking met een ESCO voordeliger dan het gangbare particuliere tarief. 

Voor een beperkte meerprijs biedt een ESCO nog andere voordelen:

  • Een ESCO is een motor voor duurzaamheid: hij kan ook het beheer van andere energetische oplossingen zoals laadpalen, koeling of een collectieve PV-installatie voor zijn rekening nemen, allemaal aangestuurd vanuit hetzelfde voordelige middenspanningstarief. 
  • De exploitatie overlaten aan een partij die niet mede-eigenaar is van de installatie, is geen optimale keuze. Als mede-eigenaar heeft een ESCO er alle belang bij dat de collectieve warmtepomp feilloos en zuinig werkt. 

De juiste strategische partner, zoals een ESCO, en de bijhorende onderhandeling over energielevering zijn cruciaal om een collectief project te doen slagen. Onze experten begeleiden je hierin. 

Wat kost het: individueel versus collectief

Een warmtepomp is geen goedkope investering. Een individuele lucht/water warmtepomp voor een appartement kost vandaag typisch in de orde van € 10.000. Een individuele water/water warmtepomp kan oplopen tot € 20.000. Beschouw deze bedragen als een orde van grootte, geen vaste prijs. Laat je hiervoor altijd een actuele offerte opmaken aangezien toestelprijzen mee evolueren met de markt. 

Een collectieve installatie maakt die investering per wooneenheid vaak een stuk haalbaarder. Dankzij de diversiteitsfactor hierboven, gecombineerd met schaalvoordeel op aankoop en installatie, blijft de totale investering doorgaans lager dan de som van een aantal individuele warmtepompen. Al hangt de exacte verhouding sterk af van het aantal wooneenheden en de gebouwtypologie. 

Advies op maat

Elk appartementsgebouw is anders: het aantal wooneenheden, de beschikbare technische ruimtes, de bodemgesteldheid en het geplande gebruik bepalen samen welke oplossing het best past. Onze experten denken graag mee over de juiste keuze voor jouw project. 

Contacteer onze experten